Love 12 sep 2016 Lotte Nijborg

Een openhartige brief aan de man die verdween zonder iets te zeggen

Hi stranger,

Ook al is het al een tijdje geleden, er zijn een paar dingen die ik tegen je wil zeggen. Ik heb nooit de kans gekregen om het in je gezicht te zeggen dus probeer ik het via deze manier. En ik hoop dat je luistert, dat je mee leest en dat je nooit vergeet wat ik je nu ga vertellen.

Toen ik je een paar jaar geleden leerde kennen doorboorden jouw ogen mijn ziel per direct. Gitzwart, donkere gelaatstrekken die mij overdonderden. M’n knieën knikten. Ik voelde de zenuwen door mijn lijf gieren. Het deed bijna zeer hoe graag ik je wilde. Jouw mond op de mijne gaf me verlossing voor dat moment. Ik had je en was van plan je nooit meer te laten gaan.

Elk berichtje was een hoogtepunt van mijn dag. Ik telde de minuten weg tot ik je weer zou zien. Tot ik elke millimeter van je lichaam aan kon raken. Dat ik je kaaklijn kon zoenen. Dat ik je stem in mijn oor kon horen. Tot we weer één konden worden. Ik wilde niets liever dan voelen dat ik van jou was.

Ik vergat mijn verstand te gebruiken. Maar het voelde zo f*cking goed.

Je verstopte ons voor de buitenwereld. Niemand mocht van ons bestaan weten. Samen waren we perfect maar daarbuiten bestonden we niet. Ik mocht je hebben, tussen de vier muren die jij me gaf. En ik maakte er gebruik van. Gulzig. Hongerig. Ik vergat alles en iedereen om me heen. Dat is wat jij met mij deed.

Je zoog mijn ziel op, maakte mijn lichaam verslaafd en zorgde ervoor dat ik blind werd. Want ik zag niet wat er komen ging. Ik zag wat ik wilde zien. Ik voelde wat ik wilde voelen. Ik vergat in de spiegel te kijken. Ik vergat mijn verstand te gebruiken. Maar het voelde zo f*cking goed.

Op de momenten dat we niet samen waren was het alleen jou in mijn hoofd. Ik had geen concentratie meer. Ik wilde nergens anders zijn dan in jouw armen. Ik zag niemand anders dan jou. Ik hield mijn agenda open. Mijn telefoon verloor ik geen moment uit het oog. JIJ JIJ JIJ.

Met elk uur wat voorbij kroop sloeg de twijfel meer toe

Het was die avond dat je me vroeg of ik met jou door de sneeuw wilde wandelen, dat alles veranderde. Ik was verbaasd. Voelde hoop. Buiten de muren? Was het echt zover? Wilde je echt met mij eindelijk buiten de bescherming treden? Ja was je antwoord. Dat was wat je wilde.

Ik telde de uren af. De kou van de sneeuw, de warmte van je lichaam, het vuur van ons beiden. Het moest perfect worden. En het zou perfect zijn. Maar met elk uur wat voorbij kroop sloeg de twijfel meer toe. Je reageerde niet meer. Ik vroeg hoe laat ik je zou zien. En waar. Maar ik kon je niet bereiken. Je was er niet.

De paniek sloeg toe. Ik verzon allemaal smoesjes om mezelf rustig te houden. Ik probeerde mezelf ervan te overtuigen dat je vast druk was op je werk. Hardop mijn angst uitspreken durfde ik niet. Je reageerde namelijk ‘pas drie uur’ niet. En ook al was dat voor ons uitzonderlijk. Ik was bang dat de anderen me zouden uitlachen.

Ik heb iedere dag op mijn knieën gesmeekt of je me alsjeblieft wat kon laten horen

Maar het voelde niet goed. Elke minuut werd ik nerveuzer. Ik bleef staren naar mijn telefoon. Zette het geluid aan om ‘m vervolgens weer uit te schakelen. Ik legde ‘m naast me naar en daarna ver weg op de kop. Dan stopte ik ‘m in mijn tas, overtuigd dat ik altijd wel een berichtje kreeg als de telefoon maar in m’n tas zat. Maar het bleef stil.

Ik ging naar huis, was nog steeds aan het wachten. Ik kon niet meer eten, niet meer nadenken. Alles vertelde mij dat het niet goed was. We hadden toch afgesproken? Je zou toch komen? Waar was je dan? Waarom reageerde je niet? Woede wisselde zich af in onzekerheid. Angst wisselde met frustratie.

En sindsdien heb ik je nooit meer gesproken. Ik weet dat je leeft. Ik weet dat je opnieuw verliefd bent geworden. Ik weet dat je verder bent gegaan met je leven. In de weken daarna heb ik iedere dag op mijn knieën gesmeekt of je me alsjeblieft wat kon laten horen. Ik heb je gebeld, gesmst. Ik heb gehuild en geschreeuwd. En nooit kwam er een reply.

Je bent op gegaan in rook. Mij achterlatend met duizend vragen

Daarna werd je nummer afgesloten. Social media had je niet en heb je tot op de dag van vandaag nog steeds niet. Ik heb op je gewacht overal waar ik dacht dat je zou komen. Ik ben altijd alert als ik op straat loop. Mannen met jouw gedaante trekken mijn oog nog steeds. Maar ik heb je niet gevonden. Je bent op gegaan in rook. Mij achterlatend met duizend vragen.

Die avond ontnam je mijn vertrouwen. Je ontnam me mijn onschuld. Je ontnam me de sneeuw. De sneeuw die ik met jou zou meemaken. Sindsdien heeft het vrijwel niet meer gesneeuwd. Ik denk dat het door jou komt. Dat mij de pijn wordt bespaard.

Door jou heb ik geleerd dat er niets ergers is dan iemand die verdwijnt. Door jou raak ik nog steeds in paniek als ik geen berichtje terug krijg. Door jou ben ik nog steeds angstig als mensen lang niets laten horen. Jij hebt me dit aangedaan.

En ik snap het niet. Hoe kon je me achterlaten zonder ooit iets te laten horen? Hoe kun je je rug omdraaien van datgene wat wij hadden? Hoe kun je met jezelf leven als je weet dat ik op je heb zitten wachten? Hoe kun jij jezelf nog aankijken in de spiegel?

Het is alsof jij me in een doolhof hebt geplaatst waar ik nooit uit kan komen tot jij me de richting wijst

Dat je weg wilde is je eigen keuze. Natuurlijk ik had gehuild. Natuurlijk was ik boos geweest. Natuurlijk ik had het niet gesnapt. Maar ik had het geweten. En er is niets ergers dan iets niet weten.

De vraagtekens die daaruit ontstaan zijn ondraagbaar. Ze zijn overal aanwezig. Je zet iemand compleet machteloos. Pijn kun je uitschakelen door pijnstillers te nemen. Kriebel kun je wegkrabben. Maar aan open vraagstukken kun je niets doen. Het houd je bezig en het zal je altijd bezig houden tot je het antwoord hebt.

Het is alsof jij me in een doolhof hebt geplaatst waar ik nooit uit kan komen tot jij me de richting wijst. En dat is nog steeds zo. Ik heb geen idee waar je bent. Ik heb geen idee waarom je het hebt gedaan. Maar op een dag kom ik het antwoord vragen. En ook al heb ik inmiddels het antwoord niet nodig om door te leven, ik zoek wel afsluiting.

Ik verdien het omdat ik voor altijd de jouwe had willen zijn

Want ergens blijf jij in mijn systeem. Ik heb de puzzel nog niet gekraakt. Ik heb je woorden nodig om het voor eens en altijd in het donker te verstoppen. Ik heb de oplossing nodig om het te vergeten.

Ik verdien het. Voor alle liefde die ik aan je heb gegeven. Ik verdien het voor al het vertrouwen dat ik in jou heb gestopt. Ik verdien het omdat ik de beste persoon voor jou had willen zijn. Ik verdien het omdat ik eindeloos van je had willen houden. Ik verdien het omdat ik de vrouw had kunnen zijn die jou voor altijd op een voetstuk had willen plaatsen. Ik verdien het omdat ik voor altijd de jouwe had willen zijn.

Tot ooit, op een dag. Dan krijg je een kans om dit recht te zetten. Want ik verdien het. Al vergeet ik het niet. Al heeft het me getekend voor het leven. Ik wil het. Jouw antwoorden. En jij bent verplicht ze te geven.

Reageer op artikel:
Een openhartige brief aan de man die verdween zonder iets te zeggen
Sluiten